Tekst Anka van Voorthuijsen
Foto Het Binnenhof in Den Haag waar grootschalige renovatie noodzakelijk is. Foto: Corné Bastiaansen

Projectdirecteur Pieter Dijckmeester weet als geen ander wat er speelt bij de renovatie van het Binnenhof. En hoe ingewikkeld het is en hoeveel tijd het kost om zo’n groot en monumentaal project voor elkaar te krijgen. Het symbool van onze democratie is toe aan renovatie.  

Beeld

Een paar maanden geleden bracht een kleine delegatie van de projectorganisatie van het Rijksvastgoedbedrijf, met een afvaardiging van de gebruikers van het Binnenhof, een bezoek aan Londen. Doel van de reis: Palace of Westminster, zetel van het Britse parlement. Pieter Dijckmeester: ‘Daar moet óók intensief worden gerenoveerd en daarover hebben we uitgebreid gesproken met onze Britse collega’s.

Beide complexen zijn goed vergelijkbaar. Allebei hele grote en iconische complexen, die het hart van de democratie vormen en waarvan mensen zich eigenlijk niet kunnen of willen voorstellen dat er dit soort werkzaamheden nodig zijn.’ Ook in Engeland is sprake van een lang voortraject. Dijckmeester: ‘Dat de besluitvorming over zo’n project veel tijd kost is niet onlogisch. Iedereen kent die plekken. Vergelijk het met voor het eerst naar New York gaan, het is indrukwekkend en toch vertrouwd want je kent het al van tv en de film. Bij het Binnenhof hebben veel mensen diezelfde ervaring. Dat is een beetje van iedereen.’

‘Knip- en plakwerk is niet meer afdoende’

Op detailniveau

Wie het Binnenhof dagelijks op de journaals ziet kan zich bijna niet voorstellen dat zulke ingrijpende werkzaamheden nodig zijn. Dijckmeester: ‘Het zit allemaal goed in de verf en ziet er op het eerste gezicht prima uit. Maar van binnen moet er zo veel gebeuren, dat kun je niet meer met knip- en plakwerk doen. Daar is iedereen het over eens.’

Als alle gebruikers tijdens de renovatie tegelijk of gefaseerd gaan verhuizen, zal dat voor het eerst in de 200-jarige democratische geschiedenis van het Binnenhof zijn. De voorbereidingen zijn intensief: van het regelen van goede tijdelijke huisvesting, waarbij de Tweede Kamer er straks bijna exact hetzelfde uit zal zien, tot het op detailniveau voorbereiden van de werkzaamheden.

Oude installatie op vochtige zolder Binnenhofcomplex
Oude installatie op vochtige zolder Binnenhofcomplex Foto: Corné Bastiaansen
Schimmelvorming in Schepelhal Binnenhof
Schimmelvorming in Schepelhal Binnenhof Foto: Corné Bastiaansen

BIM-model

‘Om zo min mogelijk verrassingen tegen te komen, willen we de hele renovatie in een drie dimensionaal Bouw Informatie Management (BIM)-model zetten conform de bestaande standaarden. Alle technische informatie, tot en met wanneer welk materiaal waar nodig is. Als dingen niet kloppen en niet aansluiten zie je dat van te voren in je digitale model al terug. Nodig én ingewikkeld, want het is een ongelofelijk omvangrijk en monumentaal project en echt álle kamers zijn verschillend.’

‘Het gebied moet aantrekkelijk blijven voor horeca, winkels, bewoners’

Kwetsbaar

Het inzichtelijk maken van het proces is nodig voor alle betrokken bouwers, maar ook interessant voor het publiek, omwonenden en bijvoorbeeld winkeliers in het gebied. ‘We willen de bouwplaats zo klein mogelijk houden en de route voor het transport er naar toe, zo kort mogelijk. Het is een kwetsbare omgeving. Het gebied moet aantrekkelijk blijven voor horeca, winkels, bewoners en natuurlijk bezoekers. Als we het Malieveld als een buffer gebruiken, hoeven toeleveranciers nog maar een paar honderd meter naar het Binnenhof. Dan kun je zaken goed plannen en op elkaar afstemmen.’

Bouwputtoerisme

Uitgangspunt is dat het gebied gedurende die hele renovatie-periode aantrekkelijk blijft voor bezoekers, benadrukt Dijckmeester. Daar kan ‘bouwput-toerisme’ aan bijdragen, denkt hij. ‘Zelf ga ik ook graag kijken als er ergens iets gebeurt.’ Steigerdoek met een fotoprint van het achterliggende gebouwdeel, kijkgaten in schuttingen, hard-hat tours. Een mooi informatiecentrum. ‘We denken aan een loopbrug boven de bouwput, zodat je op dak-niveau kunt zien hoe het complex in elkaar zit. Zodat je boven langs de Ridderzaal kunt lopen. Dat wordt een experience. Het moet de moeite waard blijven om naar het Binnenhof en naar de Tweede en Eerste Kamer in hun tijdelijke onderkomen te gaan. We hopen dat de bezoekersaantallen gelijk blijven.’

Prinsjesdag

Uiterlijk verandert er niet eens zo veel aan het Binnenhof. Wat je straks aan de buitenkant ziet? Nieuwe leien op het dak, een schone gevel. Er wordt niets bij- of aangebouwd. In de Ridderzaal hoeft relatief weinig te gebeuren: ‘We kunnen de Ridderzaal tijdens Prinsjesdag blijven gebruiken, maar onderzoeken nog de effecten op de doorlooptijden voor het project. Als het lukt en de glazen en later weer de gouden koets kan aankomen op het Binnenhof, houd de traditie en de collectieve gedachten maximaal in stand. Het symbool blijft.’

Pieter Dijckmeester
Pieter Dijckmeester is projectdirecteur bij het Rijksvastgoedbedrijf. Hij werkt sinds 2002 bij het Rijk, eerst als coördinator Nieuwe Sleutelprojecten bij het toenmalige ministerie van VROM: vernieuwing van de grote treinstations in Nederland en de stationsomgeving. Daarna als plaatsvervangend directeur Vastgoed bij de Rijksgebouwendienst. Als projectdirecteur is hij ook betrokken bij Hembrug in Zaanstad, Almere, en het Marineterrein Amsterdam. Dijckmeester werkte in het verleden onder meer bij de Technische Universiteit Delft, IWACO adviesbureau voor water en milieu en voor Het Oosten woningcorporatie in Amsterdam. Foto: Arenda Oomen