Tekst Anka van Voorthuijsen
Foto Frank Foreman. Beeld: Arenda Oomen

Zonnepanelen op kantoorpanden, windturbines langs rijkswegen, groene daken, smartbuildingtechnology, gebiedssamenwerking: het Rijksvastgoedbedrijf werkt op veel fronten tegelijk aan verduurzaming. Tegelijk staan de beelden van protesterende boeren en bouwers bij iedereen nog scherp op het netvlies. ‘Ook voor het Rijksvastgoedbedrijf en de bouwsector heeft de stikstofcrisis grote gevolgen’, zegt Frank Foreman, directeur portefeuillestrategie en portefeuillemanagement.

‘Er zal een enorme innovatiedrang ontstaan om de bouw te vergroenen’

Maar, zegt hij meteen: ‘never waste a good crisis’. Foreman: ‘Er zal een enorme innovatiedrang ontstaan om de bouw te vergroenen. Minder fossiele brandstoffen gebruiken betekent misschien dat er op de lange termijn op de bouwplaats meer met stekkers wordt gewerkt dan met dieselaggregaten. Komen er elektrische vrachtwagens, aggregaten op waterstof? Hoe dan ook: ik ben ervan overtuigd dat de ontwikkelingen nu snel zullen gaan. Deze stikstofcrisis geeft aan hoe belangrijk het is om duurzaamheid te stimuleren.’

Maatschappelijke meerwaarde

Het rijkvastgoed dient al een aantal jaren veel meer doelen dan alleen het ondersteunen van het primaire proces door het faciliteren van huisvesting voor ambtenaren, gevangenen of soldaten. Foreman: ‘We willen waar mogelijk maatschappelijke meerwaarde creëren met ons vastgoed. We experimenteren met het inzetten van overtollig vastgoed voor sociale woon-werkprojecten met werkloze jongeren bijvoorbeeld. We werken aan de verduurzaming van ons eigen vastgoed, maar we kijken ook breder: hoe kunnen we met dat vastgoed bijdragen aan verduurzaming in het algemeen: de energietransitie, het stimuleren van circulair bouwen, biodiversiteit, het reduceren van het energieverbruik.’

Interessant voorbeeld daarvan is het Regionaal Ontwikkelprogramma (ROP), waarbij het RVB de samenwerking zoekt met verschillende partijen in een bepaald gebied. Foreman: ‘Zoals bij Moreelse, dat grenst aan het stationsgebied van Utrecht. Een aantal vastgoedeigenaren en beheerders gaat daar samen aan de slag. Niet alleen met het verduurzamen van de eigen gebouwen, ook op het gebied van energievoorziening, mobiliteit, programmering en openbare ruimte. Zodat de omgeving op veel fronten aan kwaliteit wint.’

Enthousiasmeren

Natuurlijk wil het RVB als onderdeel van de Rijksoverheid en grootste vastgoedbeheerder van Nederland het goede voorbeeld geven en waar mogelijk een voortrekker zijn. ‘We geven voorzetten, proberen te enthousiasmeren’, zegt Foreman. Maar, nuanceert hij direct: ‘Soms hebben we moeite om het tempo van de markt bij te benen. De slagkracht van een commercieel bedrijf is natuurlijk groter dan die van de overheid.’ Foreman: ‘Wij zijn meer van step-by-step-approach. Het voordeel is dat we nieuwe ontwikkelingen uit de markt steeds mee kunnen nemen.’

Gevelinnovaties

Het RVB riep producenten, leveranciers en gevelbouwers op om duurzame en circulaire gevelinnovaties aan te dragen en samen te bouwen aan een duurzame en circulaire toekomst. Ideeën voor een circulaire, klimaatadaptieve, biodivers sterke of energetisch duurzame gevel konden worden ingestuurd. Uit de ingestuurde ideeën maakt het RVB een selectie om te testen in de testomgeving in Rijswijk. Dit gebouw waar Rijkswaterstaat huisvest, is al een living lab voor smart building technologieën op het gebied van licht en klimaat. Dit is te zien in een virtual reality rondleiding.

‘Het gesprek met de gebruikers is voor ons erg belangrijk’

Routekaarten

De ambities voor de complete vastgoedportefeuille: CO2-neutraal in 2050. Hoe dat doel wordt bereikt voor de kantorenvoorraad ligt vast in een zogeheten ‘routekaart’. Er wordt nu gewerkt aan routekaarten voor ingewikkelder vastgoed, zoals gevangenissen en kazernes. ‘Het gesprek met de gebruikers is voor ons erg belangrijk.’ Niet alleen in verband met praktische problemen (‘een gevangenis maak je niet even leeg om duurzaam te renoveren’) maar ook om de ambities te kennen, geeft hij aan: ‘Waar willen onze gebruikers vol op inzetten als het om duurzaamheid gaat? Op energiebesparing, op het zelf opwekken van energie op eigen terrein? Willen ze de directe omgeving klimaat-adaptief maken of de buitenruimte verduurzamen? Na die gesprekken kunnen we beter maatwerk leveren.’

Natuurlijke momenten

Foreman: ‘Onze routekaarten laten zien hoe we op een efficiënte, gestructureerde manier de gestelde doelen willen halen. We verminderen het energie- en grondstoffengebruik en verduurzamen op ‘natuurlijke momenten’. Waar mogelijk versnellen we.’ Onlangs werd vanuit de regering zo de ambitie uitgesproken om alle rijksdaken binnen 3, 4 of 5 jaar te voorzien van zonnepanelen. ‘Natuurlijk is het lovenswaardig om zo snel mogelijk aan de slag te gaan, maar je moet wel kijken welke consequenties dat heeft voor de kosten. Je moet rationeel blijven.’

Technologie gedreven onderzoek

Het RVB experimenteert met smart building technology in sommige eigen kantoorpanden. ‘Daarmee kunnen we aantonen hoe goed of slecht een pand bezet is, en op welke tijden. Technologie gedreven onderzoek kan leiden tot lager energiegebruik: als er niemand aanwezig is, hoef je een ruimte niet te verwarmen of te verlichten.’ Het zou kunnen leiden tot het afsluiten van bepaalde verdiepingen of misschien zelfs hele gebouwen op rustige dagdelen. Foreman: ‘Het is een overweging. We laten het onderzoeken en adviseren. Maar we beslissen als RVB natuurlijk niet over de bedrijfsvoering van gebruikers.’

Stikstofteam: Gebiedsgerichte benadering

Door de stikstofcrisis lopen ook Rijksbouwprojecten vertraging op, zoals de renovatie van het Binnenhof. Binnen het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) is een stikstofteam actief. Programmamanager Martine Meerburg: ‘We inventariseren en prioriteren. Wat is urgent, hoe ernstig is het als een project vertraging oploopt? Om welke projecten gaat het, welke projecten hebben welk effect op de Natura 2000-gebieden? Wat is er nog wél mogelijk? Wie kiest er? We leggen geen projecten stil die in uitvoering zijn, al een vergunning hebben gekregen of niet vergunningplichtig zijn. Maar bij de tientallen projecten die nog in de vergunningenfase zijn, maken we nu pas op de plaats en moeten we kijken of we nog aan knoppen kunnen draaien.’

Uit een eerste analyse blijkt dat zo’n 80% van alle RVB-projecten binnen een straal van 10 kilometer van een Natura 2000-gebied ligt en daarom direct met de nieuwe regels te maken heeft. Welke mogelijkheden zijn er? Meerburg vermoedt: andere eisen bij aanbestedingen, zoals de verplichting om met schonere motoren te werken, nieuwer en schoner materieel in te zetten. Maar ook opties als intern/extern salderen (boekhoudkundige compensatie, red.) en compenseren met extra natuur moeten worden onderzocht. Voor elk RVB-project dat wordt aanbesteed, moet een stikstoftoets worden gemaakt. ‘Om te voorkomen dat projecten later in de uitvoering stil worden gelegd met alle dan bijkomende faalkosten. Het is nu misschien even verwarrend en vervelend, maar op de langere termijn is het natuurlijk wel winst op het gebied van duurzaamheid.’

Hoe het nu precies verder moet, is aan het kabinet. Er is nog geen definitief besluit genomen over oplossingen voor de stikstofcrisis; een gebiedsgerichte benadering ligt voor de hand. ‘Er wordt gewerkt aan een stikstofdrempelwaarde gecombineerd met en pakket stikstofbronmaatregelen. Als deze drempelwaarde toch weer omhoog gaat kan dit de huidige impasse doorbreken.’