Foto Staatssecretaris Raymond Knops. Beeld: Kick Smeets

In de zomer van 2018 kondigde staatssecretaris Raymond Knops zijn Regionaal Ontwikkelprogramma (ROP) aan: een gebiedsgerichte aanpak om met het rijksvastgoed kabinetsdoelen zoals woningbouw, arbeidsparticipatie en duurzaamheid te ondersteunen. ‘Het Rijksvastgoedbedrijf heeft een stevige positie op de vastgoedmarkt. Daarmee kunnen we een grote bijdrage leveren aan de doelstellingen van het regeerakkoord. Maar dat kunnen we niet alleen. We willen daarom met partners samenwerken om regionale en lokale initiatieven te stimuleren. Daar gaat dit ontwikkelprogramma over.’

Het kabinet stemde vorig jaar juni in met het Regionaal Ontwikkelprogramma. Hoe staat het er nu voor?

‘We hebben het afgelopen jaar binnen de verschillende projecten grote stappen gezet. Zo heb ik, samen met de Provincie Zuid-Holland en de gemeente Den Haag in het najaar van 2018 de Green Citydeal EnergieRijk Den Haag ondertekend. Een programma waarmee we in het centrum van Den Haag een duurzame omgeving willen creëren. We gaan daar niet één enkel gebouw verduurzamen, maar pakken een heel gebied aan om zo kosten te besparen en tientallen gebouwen tegelijk te vergroenen. Dit project is de eerste gebiedsgerichte aanpak van de energietransitie door verschillende bestuurslagen en met private partijen. Goed om te zien dat steeds meer partijen zich aansluiten en we dus nog meer massa met elkaar kunnen maken.’

‘We pakken in het centrum van Den Haag een heel gebied aan om zo kosten te besparen en tientallen gebouwen tegelijk te vergroenen.’ Foto: Gerhard van Roon

Gaat maatschappelijk rendement boven financieel rendement?

‘Ons vastgoed biedt veel kansen om bij te dragen aan kabinetsdoelstellingen op het terrein van wonen, arbeidsparticipatie, duurzaamheid en circulaire economie. Dat vereist dat we op zorgvuldige wijze omgaan met de vastgoedposities die in de loop van vele decennia zijn opgebouwd. Hierbij is oog voor zowel financieel als maatschappelijk rendement. En het één sluit het ander niet uit. Ik noem dat goed rentmeesterschap.’

‘Als grootste vastgoedeigenaar van Nederland hebben we veel kennis en expertise. Daardoor kunnen we massa maken, dingen uitproberen en opschalen’

Gaat u daarmee niet op de stoel van collega-bewindslieden zitten?

‘Ik zie aandacht voor maatschappelijke doelstellingen als onderdeel van het reguliere werk van een professionele publieke vastgoedorganisatie. Het kabinet zet zich in voor de realisatie van de doelstellingen uit het regeerakkoord. Door op een slimme manier met vastgoed om te gaan kan het Rijksvastgoedbedrijf daaraan bijdragen, ook als deze doelstellingen primair bij een ander departement liggen. Een effectieve invulling van deze koers vraagt wel om goede samenwerking, zowel binnen het Rijk als met partners in de regio. Een goed voorbeeld is de bijdrage van rijksvastgoed aan de woningbouwopgave, verduurzaming en het verhogen van de kwaliteit van de stedelijke leefomgeving. Dat maakt dan ook deel uit van de woondeals die de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft gesloten met Groningen en Eindhoven - en gaat sluiten met Utrecht, Metropoolregio Amsterdam en Zuidelijke Randstad.’

‘Ik zie aandacht voor maatschappelijke doelstellingen als onderdeel van het reguliere werk van een professionele publieke vastgoedorganisatie’

Wanneer is het ROP voor u geslaagd?

‘Het ROP is geslaagd wanneer het Rijksvastgoedbedrijf de opgaven uit de eigen portefeuille steeds actief kan verbinden aan bredere opgaven in stad en regio. Het Rijksvastgoedbedrijf kan bijdragen aan deze maatschappelijke opgaven door de kennis en expertise binnen het Rijksvastgoedbedrijf in te zetten. Een voorbeeld daarvan is het project in Arnhem: daar wilden we in eerste instantie alleen een aantal verouderde kantoorpanden aanpakken. Door met alle betrokkenen om tafel te gaan, is de opgave breder bekeken. Op 22 mei 2019 tekenden we een manifest met de gemeente Arnhem en de provincie Gelderland om samen te werken aan de ruimtelijke kwaliteit en duurzaamheid van de stad.

Kei 7. Arnhem
Staatssecretaris Knops (midden) met gedeputeerde Jan Markink (rechts) van de provincie Gelderland en wethouder Cathelijne Bouwkamp van de gemeente Arnhem ondertekenen het manifest in Arnhem op 22 mei 2019. Foto: Hans Tak

‘Door met alle betrokkenen om tafel te gaan, is de opgave breder bekeken’

Er staan 8 voorbeeldprojecten genoemd in het ROP. Welk project springt er op dit moment voor u uit?

‘Ik vind het belangrijk om met rijksvastgoed een bijdrage te leveren aan woningbouw. In Almere zijn al mooie resultaten behaald, er zijn sinds de start van het project 600 woningen op Oosterwold in aanbouw of gerealiseerd. In totaal zullen hier 15.000 woningen komen. Ook werken we samen met de regio aan de voorbereiding van een studie voor verschillende scenario’s voor versnelde woningbouw op en bij Pampus en hieraan gekoppeld varianten voor een eventuele IJmeerverbinding. Maar er zijn meer resultaten te benoemen. Kijk naar de voormalige vliegbasis in Valkenburg: eind 2018 is er een bestuursakkoord ondertekend dat de basis legt voor de plannen om hier de eerste 1.000 tot 1.500 woningen te bouwen. Dit zijn voorbeeldprojecten. Ze leveren resultaat op, maar dienen ook als inspiratie voor nog meer voorbeelden en nieuwe projecten.’

‘Ik vind het belangrijk om met rijksvastgoed een bijdrage te leveren aan woningbouw’

Wie gaat het ROP betalen?

‘De gebruiker bepaalt en betaalt. Gebiedsgericht werken zoals in de ROP-projecten wordt echter meer regel dan uitzondering. Als ik kijk naar de nieuwe Omgevingswet en naar de contouren van de nieuwe Nationale Omgevingsvisie (NOVI) dan wordt deze manier van samenwerken de norm. Ik vind het logisch dat een professionele publieke vastgoedorganisatie als het Rijksvastgoedbedrijf daarin voorop loopt. Overigens kosten niet alle projecten geld. Met projecten rondom duurzame energieopwekking kun je geld terugverdienen.’

‘De gebruiker bepaalt en betaalt. Gebiedsgericht werken zoals in de ROP-projecten wordt echter meer regel dan uitzondering’

Wat moet er nog gebeuren?

‘Eén van de mogelijkheden die nog wordt onderzocht, is of rijksgronden op grotere schaal ingezet kunnen worden voor hernieuwbare energie. Er wordt op dat vlak ook al geëxperimenteerd. Zo hebben we via een openbare procedure rijksgronden aan de markt aangeboden voor de aanleg van drie windturbines aan de rijksweg A16. Dit was de eerste keer dat we rijksgronden via een openbare toewijzingsprocedure succesvol aanboden voor windenergie. Het windpark bestaat uit 28 windturbines die naar verwachting eind 2020 zullen draaien. Samen leveren de turbines duurzame energie voor circa 75.000 huishoudens.’

Wat heeft het RVB nodig van partners in de regio, zoals gemeenten en provincies?

‘De ambities uit het Regionaal Ontwikkelprogramma zijn opgaven die voor een groot deel op regionaal niveau ingevuld worden, zoals de energietransitie en het stimuleren van woningbouw en werkgelegenheid. De grootte en diversiteit van de vastgoedportefeuille maakt het Rijksvastgoedbedrijf een belangrijke partner voor regionale overheden. Samenwerking en het creëren van “coalitions of the willing” staan bij het ROP centraal. Samenwerken veronderstelt een gedeeld doel, gezamenlijke inzet en inbreng en (politiek) commitment.’

‘Ik nodig onze regionale partners uit om samen met ons deze kansen te verkennen’

‘Een project waar dat goed lukt is Moreelse Tuinen in Utrecht. Daar is dit jaar een gedeelde visie opgesteld over de toekomst van het gebied rond Utrecht Centraal waar veel overheidsorganisaties gehuisvest zijn. Uit deze samenwerking is het traject “kansen boven het spoor” ontstaan waarin de gemeente Utrecht, de spoorpartners NS en ProRail en het Rijksvastgoedbedrijf de mogelijkheden onderzoeken om de ruimte langs en boven het spoor te benutten. Het Rijksvastgoedbedrijf en gemeente participeren ook in het innovatieproject Crystal voor het gebruik van bodemenergie. Ik hoop dat we zo met veel meer regio’s kunnen gaan samenwerken. Ik nodig onze regionale partners uit om samen met ons deze kansen te verkennen.’

Toelichting voorbeeldprojecten

1. EnergieRijk Den Haag

Het programma EnergieRijk Den Haag (ERDH) is een uniek bestuurlijk samenwerkingsverband met drie initiatiefnemers - de gemeente Den Haag, de provincie Zuid-Holland, het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (DGOO en Rijksvastgoedbedrijf ) en diverse private partners. Het programma richt zich op het in samenhang verduurzamen van (semi-)publiek vastgoed in het centrumgebied van Den Haag.

Doelen:

  • Volledig klimaat neutrale gebouwen met zoveel mogelijk gebruik van lokaal opgewekte energie in 2040
  • Drie bestuurslagen met andere partijen in een efficiënt samenwerkingsverband
  • Besparing 65.000 GJ / € 1.3 mln. p/j op huidig verbruik van 75mln kW/u elektriciteit en 125.000 GJ -/- 30% CO2 uitstoot in 2022

2. Voormalig vliegkamp Valkenburg

De locatie Valkenburg wordt een hoogwaardige woon- en werklocatie ter versterking van het internationale woon- en vestigingsklimaat. Met de ontwikkeling van de locatie Valkenburg en de bijdrage van 770mln via het MIRT draagt het Rijk bij aan de regionale bereikbaarheid en woningopgave in dit deel van de Randstad.

Doelen:

  • 5000 woningen (waarvan 500 in het top-woonmilieu) in een groene setting
  • 20 ha hoogwaardig bedrijventerrein
  • een energieneutrale wijk

3. Moreelse tuinen, Utrecht

De Tuinen van Moreelse is een gebiedstransformatie op een unieke locatie in Utrecht: nabij Utrecht Centraal Station, gelegen tussen de Catharijnesingel en het spoor. Het Rijk werkt samen met gebiedspartners aan de gebiedstransformatie Moreelse. Het resultaat is een gezamenlijke gebiedsvisie, waardoor een hoogstedelijk, duurzaam, energieneutraal, biodivers en gezond gebied wordt gerealiseerd. Het is tevens een ambassadeursproject van de Rijksbouwmeester.

Doel:

  • revitalisatie van 12 ha woon-/werkomgeving in het centrum van Utrecht.

4. Skills in de stad Maastricht/Leeuwarden

De economie in Nederland draait op volle sterkte, maar niet iedereen doet mee. Circa 145.000 jongeren zijn door allerlei oorzaken niet gekwalificeerd en beschikken niet over de vaardigheden (Skills) om duurzaam te participeren op de arbeidsmarkt. De aanpak Skills in de Stad combineert voor deze jongeren een aanbod van werken + leren + wonen + support en biedt dat aan onder één dak. Het Rijksvastgoedbedrijf stelt twee gebouwen beschikbaar -in Maastricht en Leeuwarden- om de Skills aanpak in de praktijk te brengen. Per Skills-locatie stromen circa 30 kwetsbare jongeren in voor een leer-werktraject van ca. 1,5 jaar met intensieve coaching. Het beoogde resultaat is dat circa 20 jongeren per jaar weer zijn gereactiveerd met een kwalificatie; ze zijn duurzaam aan het werk en stromen uit naar zelfstandige woonruimte.

5. Almere 2.0

De gemeente Almere, provincie Flevoland en Rijk werken - op basis van de uitvoeringsovereenkomst Almere 2.0 - intensief samen aan de groei van Almere met 60.000 woningen. Doel is het versterken van de internationale concurrentiepositie van de Noordvleugel en daarmee Nederland. Tevens wordt overloop geboden aan de overkokende woningmarkt van Amsterdam en het Gooi.

Doelen:

  • Versterken internationale concurrentiepositie van de Noordvleugel
  • Realiseren van 60.000 woningen; deels op rijksgrond (Oosterwold en Almere Pampus)
  • Realiseren van bijbehorende verstedelijkings- en voorzieningenstructuur (bereikbaarheid, cultuur, onderwijs, recreatie, etc.) en werkgelegenheid
  • Focus op vernieuwend en innoverend wonen
  • Proeftuin Bouwen met de Wereld; tonen prototypen van innovaties voor de onderkant van de woningmarkt

6. Arnhem

In Arnhem werken we middels onze huisvestingsprojecten door een gebiedsgerichte benadering aan ruimtelijke kwaliteit en duurzaamheid. Dat doen we samen met partners als gemeente, provincie, waterschap, defensie, netbeheerders en woningcorporaties. In ieder deelgebied spelen er ontwikkelingen waar we door samenwerking de doelen en belangen van de (potentiële-) partners aan elkaar kunnen verbinden en daardoor synergie bereiken. In ieder deelgebied krijgt dit een andere vorm.

Doelen:

  • Ambitienota’s en daarvan afgeleide overeenkomsten met onze partners in de deelgebieden
  • Huisvestingsprojecten die niet alleen onze objecten optimaliseren, maar ook bijdragen aan ruimtelijke kwaliteit en duurzaamheid

7. Grondgebruik Flevoland

Een aanzienlijk deel van de Flevolandse agrarische gronden wordt beïnvloed door ontwikkelingen als bodemdaling, verzilting, vernatting en bodemdegradatie als gevolg van intensief agrarisch gebruik. Bovendien worden ca. 9.000 ha aan de landbouw onttrokken ten behoeve van stedelijke uitbreiding, infrastructuur (Lelystad Airport) en het opwekken van zonne-energie. De provincie Flevoland is de stuurgroep Grondgebruik Flevoland gestart met LTO-Noord, het Waterschap Zuiderzeeland en het Rijksvastgoedbedrijf. Deze stuurgroep stimuleert toekomstbestendig grondgebruik in Flevoland. Het Rijksvastgoedbedrijf neemt hieraan deel in haar rol als eigenaar/verpachter van circa 28.000 ha agrarische grond.

Doelen:

  • Stedelijke ontwikkelingen en het opwekken van zonne-energie vergen samen ca 9.000 ha landbouwgrond tot 2040 op een totaal van 100.000 ha in Flevoland. Het Rijksvastgoedbedrijf bezit hiervan 28.000 ha
  • Bodemdaling tussen 20 en 70 cm tot 2040, vooral rond Almere en Lelystad voor ca 3.000 ha. Vernatting door bodemdaling en bodemdegradatie dwingt tot aanpassing van het agrarisch gebruik en beheer

8. Windpark Streepland (A16)

Via een openbare procedure heeft het Rijksvastgoedbedrijf rijksgronden ten behoeve van het vestigen van een opstalrecht aan de markt aangeboden voor de aanleg en exploitatie van drie windturbines nabij locatie Streepland aan de rijksweg A16. Daarmee is de allereerste openbare toewijzingsprocedure van rijksgronden voor windenergie succesvol afgerond. De aanleiding om gronden openbaar aan marktpartijen toe te wijzen voor duurzame energieopwekking, vormde het klimaatakkoord dat in 2017 werd ondertekend in Parijs.

Doelen:

  • Windpark WindA16 bestaat uit 28 windturbines die naar verwachting eind 2020 operationeel zijn
  • Op rijksgronden verrijzen 3 windturbines
  • Met ruim 100 Megawatt aan vermogen, levert het project een belangrijke bijdrage aan de afspraken tussen de Brabantse gemeenten, provincie en het Rijk om in 2020 470,5 MW aan windenergie te hebben gerealiseerd
  • Samen leveren de turbines duurzame energie voor circa 75.000 huishoudens