In het voetspoor van... RVB en HOMIJ

Dit artikel hoort bij: Kei 6: De Markt

‘Communiceer meer’

Tekst Shirley Copijn
Foto Links Marc Hooijmans (RVB), rechts Allard Noordermeer (HOMIJ). Beeld: Erik Jansen

‘Communiceer meer, met kortere tussenpozen.’ ‘Ik wil meer weten over de status van de doelstellingen voor duurzaamheid.’ ‘Handig om een samenvatting mee te sturen met aanbestedingen.’ De suggesties gaan als pingpongballen heen en weer tijdens het uitwisselingsprogramma van inkoopadviseur Marc Hooijmans van het Rijksvastgoedbedrijf en tendermanager Allard Noordermeer van HOMIJ Technische Installaties.

Bouwen aan vertrouwen doe je zó

Tijdens een uitwisselingsdag op de Bouwcampus in Delft werden ruim 20 koppels gevormd van relaties van marktpartijen en RVB-collega’s met als doel: elkaar beter leren kennen door een kijkje in elkaars keuken te nemen. Een initiatief van het Rijksvastgoedbedrijf met het oog op de marktvisie in de praktijk.

Hooijmans ontving Noordermeer in oktober in Den Haag; in dezelfde maand ging hij op visite bij zijn connectie in Vianen. Noordermeer: ‘Ik ben erg enthousiast over dit initiatief. Het onderlinge contact is prettig. We spreken vrijuit en als we zaken niet kunnen delen, vanwege de vertrouwelijkheid van informatie, dan zeggen we dat.’ Ook Hooijmans is tevreden: ‘Een leerzame ervaring. Ik kreeg bovendien als commentaar dat het RVB heldere aanbestedingsprocedures heeft.’

Loop mee met Allard Noordermeer van HOMIJ en Marc Hooijmans van het Rijksvastgoedbedrijf en lees over hun ervaringen.

  • Klik hieronder op de >>> pijlen in de foto of op de bullets onder de foto’s en lees de reportage. Niks missen? Klik dan ook op Toon meer voor alle tekst bij de foto's.

Marc Hooijmans (rechts op de foto) ontvangt Allard Noordermeer (2e van links) op de RVB-vestiging in Den Haag. Noordermeer komt samen met collega Martijn Haan. Inkoopexpert Melcher de Bosch Kemper van het Rijksvastgoedbedrijf (geheel links) legt even later in de vergaderzaal uit hoe het RVB tot een keuze komt voor een bepaalde contractvorm, zoals een DBFMO (integrale contractvorm). Noordermeer: ‘Dit was tot voor kort een black box voor mij. Ik kende de afwegingen en bijbehorende randvoorwaarden niet.’

Noordermeer: ‘Prettig om op deze manier meer over de achtergronden te horen. Want soms wordt een project met veel ophef gelanceerd bij een marktconsultatie en vervolgens hoor je dan met lange tussenpozen iets over de voortgang. Bijvoorbeeld de pilot duurzame renovatie van het belastingkantoor aan de Tesselschadestraat in Leeuwarden. Van Marc, die niet bij dit project betrokken was, begreep ik dat de (veranderende) vraag van de gebruiker soms de reden is. Mijn tip: communiceer meer, met kortere tussenpozen, naar de markt.’

Noordermeer (links) en zijn collega (2e van links) geven uitleg over het aanbestedingsproces binnen HOMIJ: op basis van welke projectkenmerken wordt beoordeeld of een tender aansluit bij de doelstellingen van HOMIJ. Ook komen de eisen die het RVB stelt aan de orde. ‘Je hoort de markt wel eens klagen over administratieve lasten. Als HOMIJ meedingt bij aanbestedingsprojecten van het RVB vinden we die lasten wel meevallen’, aldus Noordermeer.

Er is volgens Noordermeer nog wel veel te doen in de communicatie naar de markt op het gebied van duurzaamheid. Even een sprintje. Uiterlijk in 2040 moeten de belangrijkste overheidsgebouwen in het centrum van Den Haag zijn voorzien van een fossielvrije energievoorziening. En uiterlijk 2050 moet al het (rijks)vastgoed een klimaatneutrale energievoorziening hebben. Noordermeer: ‘Zelf hoor ik nog weinig hiervan. Volgens mij zou dat wel moeten; deze doelstellingen zijn zeer ambitieus. Ik wil wel meer weten over de status van die doelstellingen. Ook ben ik benieuwd naar de status van de Taskforce Bouwagenda.’

Inkoopadviseur Marc Hooijmans van het RVB (midden) gaat op tegenbezoek in Vianen. HOMIJ-collega Martijn Haan (rechts) vertelt over de mensen die zich bij HOMIJ bezighouden met aanbestedingen in de woningbouw en in de utiliteitsbouw (bedrijven, kantoren, horeca en gevangenissen): zij houden in de gaten wat er op de markt komt en doen een eerste scan. Bij de selectie van projecten worden de belangrijkste projectkenmerken samengevat in een standaard document. Dat gaat vervolgens naar het management, dat uiteindelijk bepaalt of HOMIJ meedoet aan de aanbesteding. Praktisch. ‘Het zou handig zijn als het RVB bij zijn aanbestedingen ook zo’n samenvatting opneemt, zodat marktpartijen snel inzicht kunnen krijgen’, oppert Hooijmans.

Noordermeer neemt Hooijmans mee naar een bouwlocatie in Utrecht. Helm verplicht. In woontoren De SYP in aanbouw vertellen collega’s van Noordermeer over de vorderingen van dit binnenstedelijke nieuwbouwproject. Noordermeer licht verder toe welke afwegingen hij als tendermanager maakt bij de inschrijving voor bouwprojecten. Bijvoorbeeld wel of niet een aannemer van het eigen concern inschakelen of iemand van buiten? Omdat het aandeel van de installaties in bouwprojecten (vooral bij renovaties en verbouwingen) steeds verder toeneemt, kan het zijn dat HOMIJ de eindverantwoordelijke partij is in plaats van de bouwkundige aannemer.

HOMIJ neemt ook referenties van opdrachtgevers als argument mee bij de afweging om mee te doen. ‘Als je bijvoorbeeld lange tijd geen bouwprojecten van ziekenhuizen meer hebt gedaan, wordt het lastig om mee te dingen naar nieuwe ziekenhuistenders.’

Hooijmans: ‘Wij willen een zo een scherp mogelijke vraag in de markt zetten en daarmee de meest geschikte marktpartijen selecteren. Daarbij willen we marktpartijen de ruimte geven zich kwalitatief te onderscheiden. Steeds vaker voeren we tijdens een aanbesteding ook een dialoog met de markt voor een betere communicatie en samenwerking.’

Hooijmans geniet van het uitzicht bovenin de 90 meter hoge woontoren van 29 verdiepingen aan de Van Sijpesteijnkade in Utrecht. Dit wooncomplex wordt over een oude stadsvilla heen gebouwd. De ingebruikname van het complex is naar verwachting begin 2019.

Hooijmans vindt de uitwisseling tot nu toe ‘leerzaam en prettig’. ‘We hebben respect voor elkaar en kunnen zaken open benoemen. Op deze manier krijg je meer begrip voor elkaars werk. Ik merk dat ik er ook inspiratie door krijg, bijvoorbeeld voor het verbeteren van onze aanbestedingen. Ons uitwisselingsprogramma duurt nog tot maart 2019. Er is nog veel meer te bespreken.’