Dit artikel hoort bij: Kei 3: Atelier Rijksbouwmeester

‘De abstractie moet eraf’

Tekst Anka van Voorthuijsen
Foto Rijksbouwmeester Floris Alkemade. Beeld: Arenda Oomen

Floris Alkemade voelt zich goed op zijn plek als rijksbouwmeester. ‘Ik kan vanuit mijn onafhankelijke rol observeren én acteren.’

Hij is nu 18 maanden rijksbouwmeester en Floris Alkemade bereidt zijn derde ontwerpprijsvraag voor. Na ‘A home away from home’, waarbij hij ontwerpers vroeg om na te denken over huisvestingsoplossingen voor asielzoekers en andere woningzoekenden, loopt op dit moment ‘Who cares?’ dat ontwerpers en zorgverleners oproept om samen na te denken over nieuwe zorgconcepten in de naoorlogse wijken. Bij de derde prijsvraag, die najaar 2017 van start gaat, wil hij ontwerpers oproepen om na te denken over ‘een nieuwe agenda voor het platteland en leegstaand agrarisch vastgoed.’ Ontwerpkracht kan een essentiële rol spelen bij het oplossen van fundamentele en urgente maatschappelijke vragen, vindt Alkemade. ‘Als je het alleen van beleid en politiek moet hebben, loop je vaak vast in dezelfde mechanismes. Ontwerpkracht kan nieuwe wegen ontsluiten waardoor je een andere richting en nieuwe toekomstperspectieven ziet.’

Architectenselectie

‘De Nederlandse architecten en ontwerpopleidingen doen mee op wereldniveau. Daar zit zoveel creativiteit en kennis. Ik word geacht de architectonische kwaliteit bij de omgang met het rijksvastgoed te bewaken en een enorm belangrijk en omvangrijk project is natuurlijk de renovatie van het Binnenhof. Ik ben voorzitter van het kwaliteitsteam dat zich bezighoudt met de architecten die daar gaan werken en de selectie gaat doen. Maar ook de opgave voor de tijdelijke huisvesting van de "bewoners" is belangrijk. Onze regering zit vijfeneenhalf jaar op een andere plek. Dat is gedurende die tijd steevast het achtergrondbeeld van ons 8-uurjournaal.’

Eigen koers

Eén van de ontwerpen van ‘A home away from home’, een huis van polystyreen, wordt waarschijnlijk op proef geplaatst in een vluchtelingenkamp in Libanon. De winnaars van ‘Who cares’ kunnen hun ideeën straks daadwerkelijk gaan bouwen. Alkemade: ‘Ik wil nadenken altijd koppelen aan realisatie. De abstractie moet eraf. Hooggestemde idealen combineren met realiseerbare plannen, dat is waar ik naar op zoek ben.’ Hij grijpt de kansen die hij in deze functie krijgt: ‘Ik koester mijn onafhankelijkheid. Los van politieke belangen of beleid kan ik een eigen koers varen. Dat zie ik ook als mijn opdracht, om vanuit die status aparte te observeren en acteren.’

Eén van de ontwerpen van ‘A home away from home’, een huis van polystyreen, wordt waarschijnlijk op proef geplaatst in een vluchtelingenkamp in Libanon.

Ongekend breed

Hij noemt het rijksbouwmeesterschap zoals Nederland dat heeft ingericht ‘een prachtige functie, uniek in de wereld. Vlaanderen heeft ook een rijksbouwmeester, maar die is niet direct gekoppeld aan het rijksgebouwenbestand.’ Het om de 3-5 jaar wisselen heeft zeker nut, vindt hij: ‘Je kunt steeds een andere focus aanbrengen. Dat houdt de dynamiek erin.’ Hij heeft een ongekend brede portefeuille: ‘Ik heb de zorg over zowel de huisvesting van vluchtelingen, als die van onze majesteit.’

Verbeeldingskracht

Door de koppeling van maatschappelijke vraagstukken aan ontwerpkracht hoopt hij de sociale rol die architecten van oudsher hadden, weer nieuw leven in te blazen. Alkemade: ‘De beroepsgroep is gehalveerd tijdens de crisis. Heel goed kunnen ontwerpen, is niet meer voldoende. Architecten moeten verder reiken dan mooi of lelijk, daarvoor hebben opdrachtgevers je niet meer zo nodig. Je hebt een complementaire agenda nodig en die zoek ik in de maatschappelijke vragen waar iedereen mee worstelt en waar niemand goed uitkomt omdat een essentieel onderdeel is: het vermogen om nieuwe toekomstbeelden te bouwen. Die verbeeldingskracht hebben architecten. Daar spreek ik hen op aan, onder meer met die prijsvragen.’

Floris Alkemade bij de aftrap van de expositie ‘Rijk aan ontwerpkracht’.
Floris Alkemade bij de aftrap van de expositie ‘Rijk aan ontwerpkracht’. Beeld: Bas Kijzers

‘Grote problemen niet met fatalistische blik tegemoet treden’

College van rijksadviseurs

De rijksbouwmeester is ook voorzitter van het College van Rijksadviseurs, dat naast hem uit twee adviseurs ‘voor de fysieke leefomgeving’ bestaat, die onder de ministeries EZ en IenM ressorteren. Gevraagd en ongevraagd adviseren zij het kabinet over de ruimtelijke kwaliteit van Nederland, dat kan gaan van transformatie tot infrastructuur of energietransitie. Tot vorig jaar vergaderde het college in de kelder aan de Korte Voorhout 7. ‘Nu zitten we op stand in het Johan de Witthuis, aan de Kneuterdijk’, lacht Alkemade

Kunstselectie

‘Nadenken over kunst als onderdeel van een bouwproces vind ik wezenlijk. Hoe kunnen we kunst inzetten bij de tijdelijke verhuizing van de Tweede Kamer? Wat doen we in het vernieuwde VROM-gebouw? Maar tegenwoordig natuurlijk ook vaak: wat doen we met de kunst die vrij komt bij afstoot van gebouwen? Bij verkoopprocessen stuiten we af en toe op formuleringen als “het gebouw moet asbest- en kunstvrij worden opgeleverd”. Alsof het vergelijkbare domeinen zijn die de gezondheid ernstig kunnen schaden.’

Publieke zaak

Maar zijn agenda bestaat grotendeels uit de omgang met bestaand rijksvastgoed. Alkemade: ‘Niet alleen bouwkundig, maar ook qua programmering. We hebben nu veel met afstoot te maken. Als je een gebouw verkoopt, heb je eigenlijk niets meer over de toekomstige betekenis te zeggen. Maar ons rijksvastgoed is gebouwd of verworven met publiek geld. Op het moment dat je transformeert of verkoopt, heb je, vind ik, ook de taak om die publieke zaak te dienen.’ Wat is de beste manier om betrokken te blijven bij de toekomstwaarde van zo’n gebouw, hoe richt je voorwaardes in bij verkoop, welke samenwerkingen moet je dan aangaan? Alkemade: ‘Bij Paleis Soestdijk gebeurde dat via een prijsvraag: niet alleen op geld sturen, maar ook op randvoorwaarden. Datzelfde gebeurt nu bij de verkoop van de Bijlmerbajes. We hebben samen met de gemeente een proces ingericht waarbij de kwaliteit van de voorstellen even zwaar weegt als het financiële bod.’

Ingewikkelde afstoot

Hij gebruikt vaak het woord ‘ontwerpkracht’. Binnenkort trekken er, op zijn verzoek, studenten van de Designacademy een paar weken naar de leegstaande gevangenis van Doetinchem om daar ter plekke na te denken over de toekomstmogelijkheden van het gebouw. Ook al is die instelling veel kleiner, door de locatie is het een ingewikkelder afstootopgave dan de Bijlmerbajes. Alkemade: ‘Ik wil grote problemen niet met een fatalistische blik tegemoet treden, maar nadenken: wat kunnen we ermee, hoe kunnen we vervolgens de mogelijkheden tonen die zo’n gebouw heeft en partijen daarvoor interesseren?’

Als je het over rijksvastgoed hebt, is geld altijd een belangrijke factor, dat realiseert Alkemade zich uiteraard. ‘Maar ik probeer mij ook op al die andere domeinen te concentreren die voor extra kwaliteit zorgen. Daar zie ik binnen het RVB ook groeiende aandacht voor. Want hoe belangrijk geld ook is, als je daar alleen op koerst, zit je toch meer op de achterbank dan aan het stuur.’

‘Als je alleen op geld koerst, zit je meer op de achterbank dan aan het stuur’

Voorbeeldprojecten

Aan één wand van het atelier Rijksbouwmeester hangen enorme vellen papier met foto’s, stroomschema’s, tekeningen en geformuleerde ambities: de ambassadeursprojecten. Alkemade: ‘Projecten met een bijzonder politiek, maatschappelijk en ruimtelijk karakter, die een voorbeeldrol moeten vervullen. Met die projecten willen we verder gaan op alle terreinen. Architectuur, maar ook stedenbouw. De vraag “hoe koppelen we dit rijksvastgoed aan de openbare ruimte?” speelt bij de tijdelijke huisvesting van de Tweede Kamer, maar ook bij de nieuwe marinierskazerne in Vlissingen. Hoe koppel je die straks aan de stad? Hoe pas je dat nieuwe vliegveld in bij Lelystad?'

210 jaar rijksbouwmeesters

Floris Alkemade is de 38e rijksbouwmeester. De functie bestaat al meer dan 200 jaar. De eerste rijksbouwmeester, 'architect des Konings' Jean Thomas Thibault,had een brede adviesrol bij bouwen voor de Nederlandse samenleving. Na 1957 veranderde de taak van zelf ontwerpen naar adviseur van de rijksoverheid bij concrete bouwprojecten en maatschappelijke discussies op het vakgebied. De laatste 15 jaar, met rijksbouwmeesters Kees Rijnboutt, Wytze Patijn, Jo Coenen, Mels Crouwel, Liesbeth van der Pol, Frits van Dongen en nu Floris Alkemade is de rol verder verbreed tot adviseur van de regering op het gebied van stedenbouw, monumenten, architectuur, infrastructuur, architectuurbeleid en beeldende kunst.