De organisatie is continu in beweging maar kent één stabiele factor: al ruim 200 jaar woont de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) in het monumentale Trippenhuis. Drie betrokken gebruikers delen hun fascinaties, herinneringen en anekdotes.

Joan van der Waals in het Trippenhuis
Joan van der Waals in de Oude Vergaderzaal. Foto: Arenda Oomen

'Het moet in de oorlog geweest zijn, toen ik hier voor het eerst kwam'

Het interieur van het Trippenhuis aan de Kloveniersburgwal tijdens een vergadering van de Koninklijke Academie van de Wetenschappen in 1900, Martin Monnickendam.
De Oude Vergaderzaal tijdens een vergadering van de KNAW in 1900. Tekening: Martin Monnickendam. Bron: Gemeentearchief Amsterdam

Boekenpakhuis met grijze stoflagen

Joan van der Waals is moleculair fysicus en met zijn 95 jaar een van de oudste KNAW-leden. Van der Waals put uit een ijzeren geheugen als hij het Trippenhuis van vroeger gedetailleerd beschrijft. ‘Het moet in de oorlog geweest zijn, toen ik hier voor het eerst kwam. Ik studeerde natuurkunde en kreeg een briefje mee van mijn professor die lid was van de Akademie. Dan ging ik in de bibliotheek wetenschappelijke tijdschriften zitten lezen. Het gebouw maakte een nogal ouderwetse indruk: een donker boekenpakhuis met grijze stoflagen. Dat beviel me heel goed.’

Van 1984 tot 1987 zat hij in het bestuur van de KNAW. ‘In die tijd was een schilder bezig om figuratief schilderwerk te vernieuwen. Ik zag meteen dat het niet deugde. De kleuren pasten niet, het was veel te nieuw en te vrolijk. Na overleg in het bestuur ben ik toen naar de Rijksgebouwendienst gestapt, die de werkzaamheden meteen stillegde. Daarna werd ik gevolmachtigde van het bestuur in het projectteam dat onder leiding van de architecten Mol en Van Roosmalen de grote restauratie van de jaren 1988 tot 1991 begeleidde.’ Sindsdien is Van der Waals nog steeds actief in de Trippenhuiscommissie die zich bezighoudt met de restauraties en inrichting van het pand.

Sjors Dekkers
Sjors Dekkers op de zolder van het Trippenhuis. Foto: René Verleg

'Er komen nog steeds nieuwe verhalen los'

Waarschuwingsbordje bestemd voor dames met hoge hakken bij de Rembrandtzaal
Waarschuwingsbordje bestemd voor dames met hoge hakken bij de Rembrandtzaal

Geen dames met stilettohakken

Sjors Dekkers kent het Trippenhuis als geen ander. Hij begon in 1993 bij de KNAW als archivaris, maar raakte al snel betrokken bij het wel en wee van het monumentale pand. Als hoofd van de facilitaire dienst treedt hij inmiddels op als conservator van het Trippenhuis. ‘Ik ben een generalist. Het gaat mij om het hele domein, niet alleen het beheer, beveiliging en schoonmaak, maar ook de restauraties, de architectuur, de schilderijen en de stijlkamers.’

Hij heeft er zijn handen vol aan. ‘Het valt niet mee om dit monument een beetje op orde te houden,’ lacht hij. ‘Het gebruik staat haaks op de conservering.’ Dan moet hij creatieve oplossingen verzinnen. Zo kunnen dames met stilettohakken terecht in zijn ‘schoenenwinkeltje’. ‘We hebben elegante pumps in alle soorten en maten, maar wel met een rubberen zool, zodat de kwetsbare grenen vloer van de Rembrandtzaal ongeschonden blijft. Je moet dat gewoon uitleggen. We bieden bezoekers vaak een rondleiding in het gebouw aan. Dat geeft inzicht en begrip. Ook andere groepen kunnen op aanvraag een rondleiding krijgen. Dit pand mag immers gezien worden. Het is zo bijzonder dat dit huis al zo lang leeft en nog steeds in ontwikkeling is. Er komen nog steeds nieuwe verhalen los.’

Mieke Zaanen
Mieke Zaanen in de Bilderdijkkamer. Foto: René Verleg

'Als ik een oud gebouw binnenloop, zie ik gelijk allerlei mogelijkheden'

Van wezen naar wapens

Mieke Zaanen is de kersverse directeur van de KNAW. Sinds februari 2015 is ze te vinden in een fraaie kamer op de 2e verdieping, ingericht met de antieke meubels die ze voor een deel kreeg van haar oud-collega’s uit het Maagdenhuis. ‘Ik ben van de wezen naar de wapens gegaan.’ Zaanen is opgeleid als jurist, maar architectuur werd haar met de paplepel ingegoten. ‘Mijn vader was ingenieur. Het was natuurlijk ondenkbaar om hetzelfde beroep te kiezen, maar als ik het kon overdoen was ik naar Delft gegaan. Als ik een oud gebouw binnenloop, zie ik gelijk allerlei mogelijkheden,’ lacht ze.

‘Dit gebouw heeft dezelfde robuustheid als het Maagdenhuis. Wat ik bijzonder vind, is dat het Trippenhuis ook echt voelt als het huis van de wetenschap. Er is altijd wat te doen, het is een komen en gaan van mensen. Het nadeel is wel dat het lastig is om spontane ontmoetingen te hebben. Het huis is toch enigszins een doolhof. Je moet echt op pad gaan om mensen te zien. Daarom verhuis ik binnenkort naar een kamer op de begane grond. Dan ben ik beter benaderbaar voor collega’s en bestuurders en zit ik midden in die mooie drukte.’

Meer weten? De KNAW maakte een korte documentaire over de geschiedenis van het Trippenhuis en de Akademie.

Vergaderzaal
Vergaderzaal van de KNAW. Foto: Wim Ruigrok. Als adviseur van de Nederlandse regering, is de KNAW stem en geweten van de wetenschap. Daarnaast vervult de Akademie een rol als genootschap van excellente wetenschappers en is verantwoordelijk voor 16 onderzoeksinstituten. Sinds 10 jaar is er de Jonge Akademie, een platform voor jonge topwetenschappers en een jaar geleden werd de Akademie van Kunsten opgericht.